kennisbank > tijd, ritme en grenzen > wat steeds terugkomt wordt vanzelf normaal
Wat zich herhaalt, verdwijnt als keuze uit beeld.
In veel scholen ontstaat de overtuiging dat bepaalde patronen nu eenmaal bij het werk horen, omdat ze zich met regelmaat aandienen en daardoor vertrouwd raken.
Ze worden daardoor niet langer gezien als iets dat beïnvloedbaar is, maar als iets wat simpelweg gegeven is binnen de context waarin gewerkt wordt.
Juist die verschuiving van keuze naar vanzelfsprekendheid maakt dat gedrag zich stabiliseert, zonder dat iemand daar nog expliciet richting aan geeft.
Liever luisteren of kijken?
Jij kiest hoe je deze inzichten tot je neemt.
🎙️ Podcast – beluister dit artikel onderweg of tijdens een rustig moment,
zodat je geen seconde verliest, maar wel vooruitgang boekt.
🎥 Video – bekijk de kernpunten in een korte, krachtige video en ontdek hoe je
direct verschil maakt in je leiderschap.
Vervolg van het artikel
Wat zich herhaalt, wordt niet meer herkend als resultaat van eerdere keuzes, maar als onderdeel van hoe het werk georganiseerd is. Daarmee verdwijnt niet alleen de zichtbaarheid van dat patroon, maar ook de mogelijkheid om het nog ter discussie te stellen, omdat het niet langer wordt ervaren als iets wat anders zou kunnen.
En precies daar begint de kracht van wat als normaal wordt gezien.
Normaliteit ontstaat zelden bewust, maar werkt altijd door
Wat binnen een school als normaal wordt ervaren, is vrijwel nooit het gevolg van een expliciete afweging waarin verschillende mogelijkheden zijn onderzocht en bewust is gekozen voor een bepaalde werkwijze, maar veel vaker het resultaat van wat zich in de loop van de tijd heeft herhaald en daarmee zijn plek heeft gevonden in het dagelijks handelen van mensen.
Dat maakt normaliteit niet neutraal, maar richtinggevend.
Want wat normaal voelt, vraagt geen uitleg meer, roept geen vragen op en wordt niet meer begrensd, waardoor het stilzwijgend bepaalt hoe mensen hun werk doen, hoe zij zich tot elkaar verhouden en waar verantwoordelijkheid wel of niet wordt genomen.
En juist omdat het niet meer wordt gezien, is het des te bepalender.
Wat vertrouwd is, wordt niet meer bevraagd
Zodra gedrag of patronen vertrouwd raken, verdwijnt de noodzaak om ze opnieuw te bekijken, omdat ze geen spanning meer oproepen en daarmee ook geen aanleiding vormen om ze ter discussie te stellen, terwijl het juist die spanning is die nodig is om iets opnieuw te kunnen beoordelen.
In die afwezigheid van spanning ontstaat stabiliteit.
Niet als bewuste keuze, maar als gevolg van gewenning.
En die stabiliteit heeft een keerzijde.
Want wat niet meer wordt bevraagd, wordt ook niet meer begrensd, waardoor het zich kan blijven herhalen, ongeacht of het nog helpend is of niet.
In het ankerartikel binnen dit thema werk ik verder uit hoe dit soort vanzelfsprekendheden zichtbaar maken wat je als leidinggevende in de loop van de tijd bent gaan accepteren als standaard.
👉 Lees hier het artikel Je ritme laat zien wat je accepteert als standaard
Gedrag volgt niet wat wordt afgesproken, maar wat normaal is geworden
Veel leidinggevenden proberen verandering te realiseren door gesprekken te voeren, verwachtingen uit te spreken of nieuwe afspraken te maken, in de veronderstelling dat gedrag zich zal aanpassen aan wat expliciet wordt benoemd, terwijl gedrag in werkelijkheid veel sterker wordt gestuurd door wat als normaal wordt ervaren binnen de context waarin mensen werken.
Mensen oriënteren zich niet primair op wat gezegd wordt, maar op wat zij herkennen als gebruikelijk.
Daar stemmen zij hun handelen op af.
Niet omdat zij weerstand hebben tegen verandering, maar omdat het logisch voelt om te doen wat past binnen het bestaande ritme.
En zolang dat ritme hetzelfde blijft, verandert gedrag slechts beperkt, ongeacht de intentie waarmee nieuwe afspraken worden gemaakt.
Wat blijft bestaan, vormt de standaard
De standaard binnen een school wordt niet bepaald door wat op papier staat of door wat een leidinggevende belangrijk zegt te vinden, maar door wat in de praktijk blijft bestaan, omdat juist daarin zichtbaar wordt wat wordt geaccepteerd als normaal.
Wat blijft terugkomen, wordt herkenbaar.
Wat herkenbaar wordt, voelt vertrouwd.
En wat vertrouwd voelt, wordt niet meer ter discussie gesteld.
Op die manier ontstaat een standaard die zelden expliciet is benoemd, maar des te sterker doorwerkt in hoe mensen handelen, besluiten nemen en verantwoordelijkheid dragen.
Wat steeds terugkomt, wordt vanzelf normaal
Leiderschap wordt daarmee zichtbaar in het vermogen om te zien wat zo vanzelfsprekend is geworden dat het niet meer opvalt, en om daar opnieuw naar te kijken, juist wanneer het geen spanning meer oproept.
Niet alles wat normaal voelt, is ook bedoeld.
Niet alles wat vertrouwd is, is ook helpend.
En niet alles wat blijft terugkomen, hoort te blijven bestaan.
Zolang het niet wordt onderbroken, blijft het richting geven aan wat daarna gebeurt.
En precies daar ligt de kern van leiderschap.
In het vorige artikel binnen deze reeks lees je hoe afstemming ongemerkt zelfstandigheid kan vervangen en daarmee onderdeel wordt van het ritme dat gedrag stuurt.
👉 Lees hier Wanneer afstemming zelfstandigheid vervangt
Afsluiting
Kijk eens naar wat binnen jouw school zo vanzelfsprekend is geworden dat het niet meer opvalt, en stel jezelf niet de vraag of het werkt, maar wanneer je bent gestopt met het nog te bevragen.

René Rensen I De Onderwijskapitein
" De standaard binnen een school wordt niet bepaald door wat op papier staat of door wat een leidinggevende belangrijk zegt te vinden, maar door wat in de praktijk blijft bestaan, omdat juist daarin zichtbaar wordt wat wordt geaccepteerd als normaal."
René Rensen